Ronde 1

An overview of the CAMS Framework for Suicidal Patients
David A. Jobes

The workshop will provide an overview of CAMS approach to suicidal risk including key research findings pertaining to assessment and treatment aspects of CAMS. There will be case materials, a brief video demonstration, and adaptations of CAMS to range of suicidal populations and settings.

David A. Jobes, Ph.D., ABPP, is a Professor of Psychology, Director of the Suicide Prevention Laboratory, and Associate Director of Clinical Training at The Catholic University of America. He is also an Adjunct Professor of Psychiatry, School of Medicine, at Uniformed Services University. He has published six books and numerous peer-reviewed journal articles. Dr. Jobes is a past President of the American Association of Suicidology (AAS) and he is the recipient of various awards for his scientific work including the 1995 AAS “Shneidman Award” (early career contribution to suicidology), the 2012 AAS “Dublin Award” (for career contributions in suicidology), and the 2016 AAS “Linehan Award” (for suicide treatment research). He has been a consultant to the Centers for Disease Control and Prevention, the Institute of Medicine of the National Academy of Sciences, the National Institute of Mental Health, the Federal Bureau of Investigation, the Department of Defense, and Veterans Affairs. Dr. Jobes is a Board Member of the American Foundation for Suicide Prevention (AFSP) and serves on AFSP’s Scientific Council and the Public Policy Council. He is a Fellow of the American Psychological Association and is Board certified in clinical psychology (American Board of Professional Psychology). Dr. Jobes maintains a private clinical and consulting practice in Washington DC.

Masterclass ‘Innovations in the Assessment and Treatment of Suicidal Risk’
Heb je na het volgen van deze workshop behoefte om nog meer kennis te vergaren en verder geïnspireerd te raken door internationaal expert David Jobes? Meld je dan aan voor de online Masterclass ‘Innovations in the Assessment and Treatment of Suicidal Risk’ op 25 september.  Als deelnemer aan het Suïcidepreventiecongres 2020 krijg je €50 korting als je deelneemt aan deze masterclass.

Omgaan met zelfverwonding van adolescenten
Imke Baetens

Meeste clinici worden ermee geconfronteerd in de klinische praktijk, maar weten soms niet goed hoe ermee om te gaan. In deze workshop wordt een overzicht gegeven van recente wetenschappelijke inzichten omtrent het ontstaan en voortbestaan van opzettelijke zelfverwonding, en worden deze gekoppeld aan bruikbare handvaten. Deze handson-ervaring is toegespitst op de specificiteit van zelfverwonding bij adolescenten: zoals bijvoorbeeld hoe in contact te gaan met adolescenten die zichzelf verwonden, hoe kan je ouders betrekken of hoe om te gaan met beïnvloedingen vanuit sociale media.

Prof. Imke Baetens (Vrije Universiteit Brussel) is gespecialiseerd in etiologie, preventie en ambulante behandeling van emotionele en gedragsproblemen bij kinderen en jongeren. Zij heeft een internationale reputatie in onderzoek naar opzettelijke zelfverwonding en heeft zich gespecialiseerd in de interactie tussen intra- en interpersoonlijke risicofactoren bij opzettelijk zelfverwondend gedrag. Zij ontwikkelde, samen met Prof. Rober en Prof. Whitlock, een systemisch model om zelfverwonding te benaderen en doet onderzoek naar de effectiviteit van preventie en behandeling van zelfverwonding. Sinds 2019 is Imke Baetens hoofd van het International Consortium for the study of Self-injury in Educational settings. Dankzij dit consortium leverde zij een bijdrage aan verschillende internationale outreach– en beleidspapers (en presentaties). Imke is gepassioneerd door toegepast en beleidsgericht onderzoek, en hecht veel belang aan maatschappelijke valorisatie van wetenschappelijk onderzoek. Zo schreven zij, samen met Laurence Claes in 2017 het boek “Zie me niet: Omgaan met zelfverwonding thuis en op school”, uitgegeven door ACCO. Ook bijscholingen van professionals (o.a. studiedag rond behandeling van zelfverwonding en trainingen voor zorgleerkrachten) is maatschappelijke dienstverlening die Imke hoog in het vaandel draagt. Naast haar academische carrière blijft Imke werkzaam als erkend systeemtherapeut. In 2017 opende zij (samen met Prof. Peter Theuns en Prof. Chris Schotte) de deuren van Brussels University Consultation Center (BRUCC) (www.brucc.be). Haar klinische praktijk wordt voortdurend afgestemd met recente wetenschappelijke inzichten en omgekeerd inspireren haar werkervaringen in de klinische praktijk haar onderwijs en onderzoek. Zij omschrijft zichzelf als een scientist-practitioner en vindt het belangrijk om deze visie mee te nemen in onderwijs aan studenten psychologie.

Masterclass ‘Zie me niet. Behandeling van opzettelijke zelfverwonding bij jongeren’
Heb je na het volgen van deze workshop behoefte om je nog meer te verdiepen in dit onderwerp? Meld je dan aan voor de Masterclass ‘Zie me niet. Behandeling van opzettelijke zelfverwonding bij jongeren’ op 11 september, de dag na het congres.  Als deelnemer aan het Suïcidepreventiecongres 2020 krijg je €50 korting als je deelneemt aan deze masterclass.

Zorgprofessionals na suïcide van een patiënt 
Jos de Keijser

In deze workshop wordt stilgestaan bij de gevolgen van een suïcide voor de zorgprofessional. Vanuit de multidisciplinaire richtlijn zijn er praktische rollen:
Informeren: Afhankelijk van het instellingsbeleid: familie en medepatiënten
Reconstrueren: specialist die meldt bij Geneesheerdirecteur, behandelaar doet mee met evaluatie met familie e.a. 
Consolideren: opvang en begeleiding van familie 

Tevens wordt aandacht besteed aan de impact van suïcide op de professional. Een suïcide van een patiënt of collega leidt tot een verhoogd risico op burn-out en ziekteverzuim. Schuld, schaamte, opluchting, zelfverwijt en boosheid zijn niet alleen veelvoorkomende reacties van nabestaanden, maar komen ook voor bij zorgprofessionals. Hoe kan de professional omgaan met deze reacties? Is er steun van de instelling, van collega’s, de intervisiegroep of de partner? En, bij onvoldoende steun: (Hoe) kun je dit organiseren?

In deze sessie leer je over de eerste opvang van nabestaanden na suïcide, suïcide evaluatie binnen de zorg en zelfzorg voor de professional na de suïcide van een patiënt of collega.

Jos de Keijser is bijzonder hoogleraar psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Door de combinatie van zijn werk in de praktijk als klinisch psycholoog en psychotherapeut bij GGZ Friesland en de universiteit heeft hij zich gespecialiseerd in de behandeling van achterblijvers na verlies door suïcide, moord, persoonsvermissing of verkeersongeval. Hij is de auteur van het Handboek traumatische rouw. https://www.boompsychologie.nl/product/100-7892_Handboek-traumatische-rouw, www.josdekeijser.nl 

Training voor professionals – communicatie, onderhandelen, geheimhouding, beroepscodes.
Stijn Loeffen

In deze workshop staan we onder andere stil bij het suïcidale proces (isolement/entrapment), de noodzaak van samenwerken met familieleden/naasten in de behandeling van suïcidaliteit en privacy/veiligheid/veiligheidsplan. Voortvarend en als vanzelfsprekend communiceren met je cliënt, hoe doe je dat? 

Stijn Loeffen is op dit moment werkzaam als trainer en adviseur suïcidepreventie bij Stichting 113. Hij heeft als hulpverlener in de specialistische GGZ jarenlange ervaring opgedaan in het samenwerken met families en naasten o.a als Intensief Ambulant hulpverlener, casemanager bij Fact en als trainer van de Mc-Farlane familiegroep. Het effect van intensief samenwerken met familieleden en naasten is in de regel heilzaam voor cliënt en familie en is niet alleen bij crisis een must. Echter op veel afdelingen is samenwerken zeker nog geen vanzelfsprekendheid of omgeven door terughoudendheid, zeker wanneer de cliënt zich beroept op zijn recht op privacy. 

Het begrijpen en behandelen van suïcidaliteit vanuit een cognitief gedragstherapeutisch kader
Agaath Koudstaal

In deze workshop wordt een fasemodel gebruikt, het motivationeel-intentioneel verklarend model van O’Connor, om de psychologische processen bij suïcidaliteit te begrijpen. Dit model wordt geplaatst binnen een cognitief gedragstherapeutisch kader om van hieruit tot interventies te komen. Aandacht is er voor het onderscheid tussen acute en chronische suïcidaliteit.

Leerdoelen voor deze workshop: Het leren maken of aanscherpen van een casusconceptualisatie om oplopende en wisselende suïcidaliteit te kunnen begrijpen, met de patiënt te kunnen bespreken en aangrijpingspunten te hebben voor behandeling.

Agaath (J.A.) Koudstaal werkt binnen Curium-LUMC als programmaleider, klinisch psycholoog/psychotherapeut/cognitief gedragstherapeut. Als programmaleider van een zorgprogramma voor jongeren met persoonlijkheidsproblematiek heeft ze een ambulant en deeltijdprogramma opgezet voor jongeren met suïcidaliteit en automutilatie. Samen met collega’s schreef ze het boek ‘Surfen op Emoties’ over DGT voor jongeren (DGT-J) en ontwikkelde zij met collega’s een DGT online vaardigheidstraining voor jongeren met problemen in de emotieregulatie en impulscontrole, eveneens met de naam ‘Surfen op Emoties’. Daarnaast publiceerde zij over EMDR bij jongeren met een borderlinepersoonlijkheidsstoornis, het betrekken van het bredere netwerk bij suïcidale jongeren en suïcidaliteit en gedragstherapie.

Ronde 2

Differentatiemodel – Subtyperen van suïcidaal gedrag
– Remco de Winter

Suïcidaliteit wordt in de regel als een uniform verschijnsel gedefinieerd en er is weinig onderzoek naar differentiatie bij suïcidaal gedrag verricht in de heterogene groep van patiënten met psychiatrische symptomatologie. In de psychiatrische praktijk zien we echter verschillende vormen van suïcidaal gedrag en is ons handelen in de regel op het klinisch oordeel gebaseerd. Ook wordt er in richtlijnen geen goed onderscheid gemaakt. Om meer precies het risico te beoordelen, maar ook om meer een behandelplan voor te stellen, is het belangrijk dat we suïcidaal gedrag meer differentiëren. De auteurs hebben op basis van klinische ervaring en vanuit een wetenschappelijke achtergrond een model voor differentiatie ontwikkeld. Uit dit model komen 4 vormen van suïcidaal gedrag. Het model is getoetst en is daarop ook aangepast.

Voor de differentiatie is een vragenlijst ontwikkeld: de SUICIDI (SUICIdality DIfferentiation).

Dr. Remco de Winter is psychiater, geneesheer-directeur GGZ Rivierduinen, senior-onderzoeker aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en tevens bestuurslid van SUPRANET GGZ. Tot 2020 was hij voor de maximale termijn de Nederlandse vertegenwoordiger voor de International Association for Suicide Prevention (IASP). Daarnaast heeft hij veel gedaan op het gebied van suïcidepreventie, zie zijn website www.suicidaliteit.nl voor meer informatie. 

Data-gestuurd leren van suïcidale incidenten

– Marieke de Groot

In deze workshop wordt KEHR Suicide gespresenteerd: een instrument om data-gestuurd te leren van suïcidale incidenten op het niveau van een team en de organisatie. Het instrument is twee jaar lang in vijf GGZ-instellingen gepilot. In de workshop wordt uitgelegd hoe het instrument werkt en welke gegevens je ermee kan genereren om meer zicht te krijgen op patronen van hulpverlenersgedrag ten aanzien van suïcidale cliënten. Met deze informatie wordt het mogelijk om hulpverlenersgedrag ten aanzien van suïcidaal gedrag gericht aan te sturen, zodat de zorg voor suïcidale cliënten meer richtlijnconform wordt.

Aan het einde van de workshop weet de deelnemer waarvoor en hoe KEHR SUICIDE gebruikt wordt, welke informatie met KEHR SUICIDE zichtbaar wordt en heb je als deelnemer zicht op wat binnen een GGZ-organisatie nodig is om het instrument te gebruiken.

Dr. Marieke de Groot is als senior-onderzoeker verbonden aan de afdeling klinische psychologie van de Vrije Universiteit. Daarnaast werkt zij als sociaalpsychiatrisch verpleegkundige in opleiding bij Lentis te Groningen.

Samenwerking tussen hulpverleners en naasten: Aandachtspunten voor opleidingen
– Ida Bontius en Ad Kerkhof

Doelen:
– Verbeteren samenwerking tussen hulpverleners en naasten van een cliënt met suïcidaal gedrag bij de start, tijdens de behandeling en bij de afsluiting van een behandeling
– Hoe doe je dat en hoe leer je dat tijdens je opleiding?

Ida Bontius werd na het overlijden van haar dochter Charlotte aan suïcide actief bij de Ivonne van de Ven Stichting. Sinds 2010 vervult zij daar de rol van secretaris. In 2019 zette zij zich in voor het opnemen van kennis en vaardigheden tbv suïcidepreventie in de opleidingen van artsen en hulpverleners. Zij studeerde sociale wetenschappen in Amsterdam en was werkzaam bij CINOP als onderwijskundige en veranderkundige in het beroepsonderwijs. 

Ad Kerkhof is emeritus hoogleraar Klinische Psychologie, Psychopathologie en Suïcidepreventie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Hij was hoofdopleider van de postdoctorale beroepsopleidingen tot Klinisch Psycholoog en Gezondheidszorgpsycholoog, en hij was enige tijd voorzitter van het bestuur van de Amsterdamse Stichting PDO opleidingen in de GGZ. Hij heeft veel studenten en cursisten opgeleid in de basisbeginselen van de behandeling van suïcidale patiënten. Hij heeft een eigen praktijk voor klinische psychologie en psychotherapie in Leiden. Hij ziet daar depressieve en suïcidale patiënten, nabestaanden van suïcide, en paren met relatieproblemen. Hij is gespecialiseerd in depressie, rouw, suïcide en trauma. De laatste jaren houdt hij zich in het bijzonder bezig met de behandeling van suïcidale intrusies en de behandeling van patiënten met autisme en suïcidaliteit. Hij was namens het NIP lid van de werkgroep Multidisciplinaire Richtlijn voor de Diagnostiek en Behandeling van Suïcidaal Gedrag, en de werkgroep Levensbeëindiging op verzoek van patiënten met psychische stoornissen. Samen met de Ivonne van de Venstichting stuurde hij een petitie aan Staatssecretaris Blokhuis om ervoor te zorgen dat alle BIG-opleidingen suïcidepreventie in het basiscurriculum opnemen en dat suïcidepreventie een van de opleidingsvereisten wordt voor de registratie in BIG beroepen. 

Suïcidepreventie bij adolescenten
– Jeroen Steenmeijer

In 2017 werden we opgeschrikt door bijna een verdubbeling in suïcides onder jongeren. Sindsdien is er meer onderzoek en aandacht gedaan naar suïcidepreventie en suïcidaliteit bij Nederlandse jongeren. Wat speelt er bij jongeren en vereist dit misschien een andere aanpak? In deze workshop wordt u op de hoogte gebracht van de laatste stand en ontwikkeling op het gebied van suïcidepreventie bij jongeren. Ook krijgt u handvatten welke in de praktijk te gebruiken zijn bij de zorgverlening rondom jongeren. 

Jeroen Steenmeijer is kinder- en jeugdpsychiater en geneesheer-directeur bij FornheseGGz Centraal. In de afgelopen jaren is hij actief betrokken geweest bij de ontwikkeling van de High- en Intensive Care zorg voor jongeren. Vanuit zijn verschillende functies is hij daarnaast altijd betrokken geweest bij de acute jeugdpsychiatrie en het leveren van zorg aan suïcidale jongeren en hun gezinnen.   

Suïcidepreventie toolkit voor de GGZ
Renske Gilissen & Femke van der Voort

Bij 113 Zelfmoordpreventie zijn we gestart met het ontwikkelen van een ‘suïcidepreventie toolkit’ voor de GGZ die actueel en praktisch is. GGZ-instellingen kunnen deze praktische toolkit vervolgens eenvoudig voor zichzelf geschikt maken. De toolkit is geen statische handelingsgerichte set aan instrumenten maar verbetert door gebruik. We ontsluiten deze informatie met en via Alii, een platform voor medische kennis toegankelijk via web, EPD en mobiele app. De toolkit wordt visueel zo aantrekkelijk mogelijk gemaakt en het perspectief van de gebruikers wordt zwaarwegend meegenomen bij de ontwikkeling, aangezien protocollen die plezierig zijn in het gebruik ook vaker worden geraadpleegd. 

Leerdoelen in de workshop:
We presenteren de suïcidepreventie toolkit, dat een handelingsgericht overzicht van de (bewezen) beschikbare suïcidepreventiemaatregelen bevat. Welke suïcidepreventiemaatregelen, instrumenten of interventies zijn beschikbaar, evident en gebruiken professionals in de praktijk? Welke maatregelen of interventies werken wel en welke minder? In de workshop wordt ook jouw kennis en ervaring meegenomen en wordt je input gebruikt in de verdere ontwikkeling van de toolkit die direct online bruikbaar wordt voor individuele professionals en organisaties. 

Dr. Renske Gilissen is bioloog, gepromoveerd in de gedragswetenschappen en is hoofd van de onderzoeksafdeling van 113 Zelfmoordpreventie. Renske is eindverantwoordelijk voor het onderzoek bij 113, is copromotor van momenteel zes promovendi en begeleidt verschillende onderzoeksprojecten over het voorkomen van zelfdoding, variërend van epidemiologische studies, big data, evaluaties van landelijke suïcidepreventie netwerken (SUPRANET), psychologische autopsie, e-health en kunstmatige intelligentie. Renske is ook hoofdonderzoeker van het SURE-Net consortium, Suicide Research the Netherlands (https://sure-net.nl/). Dit nationaal consortium heeft als missie om het aantal suïcides in Nederland te laten dalen door zich te richten op multidisciplinair, innovatief wetenschappelijk onderzoek.   

Femke van der Voort is eigenaar van Alii en binnen Alii verantwoordelijk voor het GGZ deel van de zorg. Femke is econoom en werkt sinds 2008, in verschillende rollen, in de zorgsector. Alii is een platform organisatie en is erop gericht om medische kennis visueel aantrekkelijk beschikbaar te maken voor professionals en in het primaire proces. Op een manier zodat (nieuwe) kennis gemakkelijk kan worden toegevoegd en gedeeld. Haar ruime ervaring als adviseur in de zorgsector komt goed van pas om behandelaars te ondersteunen in het toepassen van gepersonaliseerde geneeskunde.